Stadswandeling

Start bij het station en loop rechtdoor de stad in.


1. Centraal Station 's-Hertogenbosch
Ooit stond hier het fraaie station van Eduart Cuypers, kapotgeschoten in de oorlog. Het enige wat daarvan behouden is gebleven zijn de geel gerande overkappingen. Het huidige station, voltooid in 1998, is een ontwerp van Rob Steenhuis. Het station heeft een transparante uitstraling gekregen om de veiligheid van de passanten en reizigers te waarborgen.

2. Drakenfontein
De draak wordt gezien als de bewaker van de stad ‘s-Hertogenbosch. Helaas staat het dier met de rug naar de ‘vijand’ die vanuit het station de stad onveilig komt maken. Deze fontein is een geschenk van Bosch van Drakenstein, commissaris van koning Willem III voor Noord-Brabant. Na zijn dood liet hij een legaat na voor het oprichten van een monument ter nagedachtenis aan zijn tweelingdochters die op 16-jarige leeftijd daags na elkaar stierven. Zijn vrouw overleed een jaar later. J. Dony ontwierp deze ‘drakenfontein’. Op de sokkel: een koperen draak met het familiewapen waarop de tekst staat: virtute et labore (door deugd en arbeid). Aan de zijkant van de fontein bevindt zich een symbolische voorstelling: een vrouw met twee dochters waarvan één een aalmoes geeft aan een bedelares. “Ze blonken uit in liefdadigheid”. De huizen aan de Stationsweg zijn tevens het werk van architect J. Dony.





3. De Bossche Bol
Even voorbij de draak aan de rechterkant bevindt zich de banketbakkerij/lunchroom van de beroemde Bossche Bollen-bakker Jan de Groot. Als je Den Bosch bezoekt, ben je bijna verplicht om hier zo'n overheerlijke bol te nuttigen!

Loop rechtdoor naar de Wilhelminabrug.


4. Oude Vestingmuren
Hier loop je de vestingstad binnen. De oude vestingmuren aan weerszijden van de brug dateren van begin 1300. De muur links van de brug is in de tweede helft van de 20e eeuw gerestaureerd en met de restauratie van de muur aan de rechterzijde is men begonnen in 2008. Hier wordt aan de plek waar in de Middeleeuwen de St. Janspoort heeft gestaan een eigentijdse invulling gegeven. Delen van de oude stadsmuur zijn daar zichtbaar gemaakt. De Dommel die je hier passeert dient nog steeds als vestinggracht.

 

Kop van de haven/Visstraat.

 

5. Oude binnenhaven
Deze binnenhaven is gegraven halverwege de 15e eeuw. De haven stond via de Maas in verbinding met de Noordzee. Schepen brachten hier de noodzakelijke levensbehoeften zoals turf, hout, vis, vee, lood, zout, teer en stenen voor de bouw van de St. Jan. De export bestond uit messen, spelden, lakens en schoenen. Een zeer belangrijk handelsartikel was vis, gevangen in de Oostzee. Er kwam op de kop van de haven dan ook een druk bezochte vismarkt. Een aantal huizen in de omgeving dragen nog steeds de naam van een vis. Voorbeeld: het huis met de versierde gevel (Italiaans renaissance) op de hoek draagt de naam: ‘de Golden Steur’ (zie gevelsteen).

 

In 1866 werd er een station gebouwd en moest er een doorgang komen van de stad naar dat station. Daarvoor moesten er enkele huizen worden afgebroken en moest de vismarkt plaats maken voor de moderne reiziger die niet met een walm van vis om zich heen in de trein wilde zitten. De vismarkt werd daarom verplaatst naar de Lepelstraat (naast de Golden Steur). Let eens op de moderne straatverlichting. Deze verwijst subtiel naar de havenwerkzaamheden van weleer. Met een beetje fantasie kun je er een hijskraan in herkennen!

 

Loop naar de Lepelstraat

 

6. Lepelstraat
Dit is de enige straat in Den Bosch met twee namen (Lepelstraat/Visstraat). Met de verhuizing van de vismarkt naar de Lepelstraat kreeg deze straat er een naam bij (zie het bordje bevestigd op het eerste gebouwtje, oorspronkelijk van de veilingmeester). De vismarkt kreeg een nieuw uiterlijk: geen kraampjes meer maar een overdekte en met hekken omzoomde plaats waar de vis op hardstenen banken kon worden uitgestald om bij afslag te worden verkocht. Aan de buitenzijde van de hekken verdienden de arbeidersvrouwtjes uit de omgeving een centje bij met het schoonmaken van de zojuist verkochte vis. Tegenwoordig staan er winkeltjes op de plek van de visafslag. Aan weerszijden van de winkeltjes staan nog steeds de oorspronkelijke administratiegebouwtjes: links voor de veilingmeester en rechts voor de marktmeester. De laatste marktmeester heeft er dienst gedaan tot 1941.

 

7. De kleine beer
Aan de rechterzijde van de Lepelstraat, ‘gemangeld’ tussen twee cafeetjes, bevindt zich een Mariakapelletje: ”de kleine Beer”. Op de plek waar nu Randstad gevestigd zit, stond vroeger een wijnpakhuis genaamd “de Groote Beer”. Op  zolder vonden de eigenaren een oud Mariabeeld waarmee ze eigenlijk geen raad wisten. Weggooien doe je niet dus dan maar op de binnenplaats gezet tussen de wijntonnen. Al snel werd deze Maria door de Bosschenaren aangeduid als: ‘Maria tussen de tonnekes’. Toen de stad in 1866 werd getroffen door een cholera epidemie werd samenscholen door het stadsbestuur verboden. Dat gold ook voor de Mariakapel in de St. Jan. “Maria tussen de tonnekes” stond echter in de open lucht en werd een tijdelijke vervangster van de ‘Zoete Lieve Moeder’ van de St. Jan.

 

 

8. Zoete Lieve Gerritje (beeldhouwer Geurtjens)
Onder de brug, ter hoogte van het water, staat het beeldje van Zoete Lieve Gerritje. Ze is hier afgebeeld als een boerendochter die met een vette haan naar de Bossche markt gaat. Een aardig verhaal om de waarheid te verhullen. Eind 1800 leefde hier ene Gerrit, een gevaarlijke bandiet, die de Meierij onveilig maakte. Wanneer hij op rooftocht ging was ‘de eerste boer de beste’ die hij tegenkwam de klos. Met de geroofde buit ging Gerrit samen met zijn kornuiten feest vieren in herberg De Pettelaer waar hij optrad als boerendochter met een mandje aan de arm. Het verging Gerrit niet goed. Hij werd gepakt in Amsterdam en opgehangen. Zijn galgemaal bestond uit een brandenwijntje met suiker.

 

9. Het ‘Keershuis’ hoek Lepelstraat/St. Janspoort
Dit huis stamt uit de 15e eeuw. De ‘overkraagde’ zijgevel van de bovenverdieping is ‘op vlucht’ gebouwd, dat wil zegen dat de muur schuin afloopt. In de middeleeuwen bouwde men vaak op deze wijze waardoor het regenwater minder kans kreeg om de enkel steense muur binnen te dringen. De naam ‘Keershuis’ dankt het aan het feit dat hier vroeger kaarsen werden vervaardigd, voor de karren die hier de stad verlieten.

 


Rechts het 'Keershuis' en links het 'Rood Kruis'.

 

Loop rechtdoor. De Lepelstraat gaat over in de Molenstraat.

 

10. Het ‘Rood Kruis’ op de andere hoek Molenstraat/ St. Janspoort
Dit huis dateert uit de 16e eeuw. In de vorige eeuw werd het gerestaureerd, maar de gietijzeren ramen in de zijgevel zijn nog oorspronkelijk. Het pand heeft onder meer gediend als kerk, staatsgevangenis, pakhuis, en werd begin 1900 het eigendom van vishandelaar Hartman. De zaken liepen slecht en Hartman besloot de bovenverdieping als danszaal in te richten. Den Bosch was een garnizoenstad dus er waren soldaten in overvloed om hier ‘s avonds uit hun dak te gaan. Helaas, de klandizie bleef uit. Om toch z’n zaal vol te krijgen organiseerde hij een feestavond met muziek en dans door een groep van 20 negerinnen. De Bosschenaren kwamen in grote getale en het feest werd een succes. Het verhaal gaat dat de naam van de beroemde Bossche Bol tijdens die avond spontaan is ontstaan, met een knipoog naar de rondborstige danseressen. (In die tijd gebeurde het regelmatig dat negers en pygmeeën werden geëxploiteerd als kermisattractie of tentoongesteld.)

 

11. Halve Peer (Ton Bruijnsters)
Tegenover het ‘Rood Kruis’ hangt boven het water het beeldje van de ‘Halve Peer’. Peer van den Muggenheuvel is de naam van de tijdelijke burgemeester van Oeteldonk (Den Bosch) tijdens carnaval. Dit beeldje is tot stand gekomen dankzij een jarenlange vete tussen twee carnavalsverenigingen. Uiteindelijk werd de vrede gesloten en besloot men deze te bezegelen met een beeldje van de Peer. De intentie was goed maar naarmate de tijd verstreek bleek één van de twee verenigingen zijn woord niet te houden. De andere vereniging besloot over te gaan tot handelen: hún deel van de afspraak werd nagekomen: de helft van de Peer. Als antwoord heeft de andere partij elders in de stad een kapstok met de kleren van de Peer geplaatst. Het staat in de St. Jozefstraat boven de Binnendieze.

 

12. Diezehuis
Tegenover de Halve Peer bevindt zich het Diezehuis van de Kring Vrienden van ‘s-Hertogenbosch. Hier kun je van april t/m oktober kaartjes kopen voor uitgebreide stadswandelingen of vaartochten over de Binnendieze. Meer informatie over deze activiteiten is ook te vinden op www.binnendieze.nl

 

Loop rechtdoor. De Molenstraat gaat over in de Uilenburg.

 

13. Uilenburg
De naam van deze straat geldt eigenlijk voor de hele wijk. De Uilenburg was een volksbuurt. Hier woonden voornamelijk havenarbeiders met hun talrijke kroost. Er zijn nog pakhuizen te zien waar vroeger graan en andere handelswaar werd opgeslagen. Men kon hier een redelijk bestaan opbouwen totdat in 1822 de Zuid Willemsvaart werd gegraven. De haven verloor zijn functie en de havenarbeiders zaten zonder werk. De wijk verpauperde en veel woningen werden onbewoonbaar verklaard. In de jaren ’60 van de vorige eeuw besloot het stadsbestuur in haar "wijsheid" de hele wijk maar af te breken en die "stinksloot", de Binnendieze, te dempen. Gelukkig werd daar een stokje voor gestoken door een groepje fanatieke Bosschenaren die tot aan de Raad van State knokte voor het behoud van de Binnendieze. En met succes! De Dieze werd gerestaureerd en is nu een van de toeristische trekpleisters van Den Bosch. Tegelijkertijd besloot men de Uilenburg te restaureren met als resultaat een schilderachtig stukje Den Bosch. De afbraakwoningen van weleer zijn nu, in gerestaureerde staat, een vermogen waard.

 

14. Hoek Walpoort / Uilenburg
Het lijkt wel of de hoek van het pakhuis is uitgesleten. Niets is minder waar. Bij de bouw van dit pakhuis is rekening gehouden met de wielen van de karren die hier kort door de bocht gingen. Uit voorzorg werd de hoek ‘uitgehold’ om beschadigingen aan het pand te voorkomen. Aan de overzijde ligt een steen, de zogenaamde schampsteen, die daar met hetzelfde doel is neergelegd. Ditmaal voor de karren die linksaf gingen. Dit is niet typisch ‘Bosch’. Deze schampstenen tref je in vele Hollandse steden aan. Tegenover de pakhuizen zie je 'de Cameren'. 

 

15. De Veste / de Cameren
Restaurant “De Veste” bestond voorheen uit drie 19e eeuwse arbeiderswoninkjes waarin een gezin met zeer veel kinderen woonde. Dit was concreet een kleine woonkamer beneden met een ladder naar de bovenverdieping waar de gemeenschappelijke slaapkamer was. Let eens op de dichtgemetselde deuren/ramen die nog duidelijk in de gevel zichtbaar zijn. Hierin zijn de drie zogenaamde 'Cameren' nog te herkennen. De achterzijde van dit pand is ook de moeite waard om te bezichtigen.

 


De Uilenburg rond 1910. De Cameren zijn nog duidelijk zichtbaar in het tweede pand aan de rechterzijde.

 


De Uilenburg anno 2010. In de voormalige Cameren huist nu restaurant de Veste.

 

Ga links de hoek om naar de brug in het Uilenburgstraatje.

 

16. Brug Uilenburgstraatje
Vanaf deze brug is duidelijkte zien hoe de Cameren er vroeger uit gezien moeten hebben. Je staat hier boven de Binnendieze, het meest gefotografeerde stukje van Den Bosch. De Binnendieze werd in vroeger dagen gebruikt als drinkwater, waswater, vaarwater, spoelwater (voor de ververs van de in Den Bosch vervaardigde lakense stoffen), riolering en grondstof voor bierbrouwerijen waarvan er in de middeleeuwen zo’n 50 aanwezig waren in de stad. Men verkoos het drinken van bier boven het drinken van het smerige Diezewater. Ook kinderen dronken bier. Bedenk echter wel dat het alcoholpercentage in die dagen zeer laag was.

 

 

Ga terug naar de Uilenburg en sla linksaf.

 

1629 was een droevig jaar voor de overwegend rooms katholieke stad ´s-Hertogenbosch. Frederik Hendrik veroverde de stad op de Spanjaarden en bracht het protestantisme binnen de stadsmuren. Alle katholieke kerken kwamen in handen van een handjevol protestanten en de katholieke eredienst mocht niet meer in het openbaar beleden worden. Dus zochten de Bosschenaren hun toevlucht in schuilkerken.  


17. Schuilkerkpoortje
Een schuilkerk had vele vluchtuitgangen. Dit  poortje is er zo één. Bovenin zie je een sluitsteen in de vorm van een Tudorroos waaronder het jaartal 1649 staat. Die roos zou bescherming moeten bieden aan het gelovig volk achter dit poortje. Er wordt ook wel beweerd dat men aan de Tudorroos kon zien dat erachter een schuilkerk was. Niet zo slim, want schuilkerken waren verboden door de Staten Generaal. Maar het stadsbestuur was op de hoogte van de lokatie. Wanneer de stadskas dreigde leeg te raken gingen ‘papenjagers’ (paap = rooms) op pad om schuilkerken te overvallen en boetes te innen. Trof men daar een priester achter een geïmproviseerdaltaar dan moest er boete worden betaald terwijl de aanwezige gelovigen niet alleen ontdaan werden van hun centen maar ook van hun opperste kleed. Zij stonden dus in letterlijk hun hemd.

 

Loop door naar het volgende bruggetje.

 

18. Mariënburgklooster
Aan de rechterzijde van de brug zie je het Mariënburgklooster. In 1868 vestigden zich hier ca 350 zusters van de vereniging Jezus, Maria, Jozef (JMJ) afkomstig uit Engelen. Ze hielden zich voornamelijk bezig met het geven van onderwijs aan meisjes. Tegenwoordig woont hier nog een handjevol hoogbejaarde nonnen en zijn de scholen omgebouwd tot appartementen. In de tuin staat een hele oude sequoia boom.

 

Steek de brug over en ga linksaf, het Lamstraatje in.

 

19. Betonnen fiets/ ladder met verfkwast (J. Baudoin)
Tegen de gevel van de woning op de hoek staat een betonnen fiets met daarnaast een ladder waarop een druipende verfkwast ligt. Het lijkt net of de schilder ‘effe weg’ is en dadelijk terugkomt. De fiets verwijst naar het grote aantal fietsen die in de loop der tijd uit de Binnendieze zijn gevist.

 

Aan het eind van het straatje oversteken naar de tegenoverliggendestraat: Stoofstraat. Op de hoek stoppen.

 

20. Gevel met Gallische Krijgsheren
Als je met de rug naar de Stoofstraat de Postelstraat in kijkt, zie je een gevel met Gallische Krijgsheren. Links het hoofd van Ambiorix, de koning der Eburonen: een volkje dat leefde tussen de Maas en de Rijn. Hij streed tegen Julius Caesar en was onoverwinnelijk (zonder toverdrank!). Rechts het hoofd van Vercincetourix, de veldheer van Ambiorix. Hem is het slecht vergaan. Hij liep over naar de vijand en werd vermoord. De koppen zijn een voorstudie van het standbeeld dat in 1866 werd onthuld op het marktplein in Tongeren, België. Men leeft daar in de veronderstelling dat Ambiorix hun Vader des Vaderlands is.  

 

 

21. De Munt
Rechts van het pand met de Gallische koppen staat ‘de Munt’. Hier sloeg men sinds 1614 Bossche munten zoals: oortjes, moortjes en negenmannekes. Het spreekwoord ‘hij heeft zijn laatste oortje versnoept’ zou hier wel eens ontstaan kunnen zijn. Vaak gebruikte men voor het vervaardigen van munten oude soldatenhelmen. De muntjes werden verhit, gestempeld en ter afkoeling ondergedompeld in de Binnendieze. Het pand is laatgotisch en werd eind vorige eeuw gerestaureerd waarbij de traptoren weer in oude stijl is opgetrokken.

 

22. Stoofstraat
De stoofstraat stond vroeger bekend om de warmwater- en vuurhuizen die hier stonden. Men kon hier heet water en kooltjes kopen. Al snel werden deze huizen ingericht als badhuizen, uiteraard alleen voor mannen. Het duurde niet lang of de dames van lichte zeden dienden zich aan en de badhuizen werden gedegradeerd tot “mot- en ravothuizen”. 

 

Loop de stoofstraat in en sla aan het einde linksaf, de Snellestraat in.

 

23. Le Meprise
Op de hoek van het Begijnstraatje staat de herberg ‘Le Méprise’. Een vroeg 17e eeuws pand gebouwd in renaissancestijl. De gevel is ‘op vlucht’ gebouwd en helt over om het regenwater eraf te doen druipen. Daarvoor dienen ook de richels en de bogen boven de vensters met hun zogenaamde ‘wenkbrauwfunctie’. Het ronde gat bovenin noemt men het Ossenoog. Dat was voor de zolderventilatie want er zat geen glas voor. Het pand is in de vorige eeuw gerestaureerd maar in de vorm zoals men het heeft aangetroffen. Vandaar de ‘ingezakte’ zijgevel van dit pand. In Den Bosch noemt men dit ‘bevroren verval’.

 

Loop door tot de volgende zijstraat en ga rechtsaf,  de Minderbroederstraat in.


24. Voormalige Minderbroedersklooster
Hier stond in 1228 het klooster van de Minderbroeders: volgelingen van Franciscus van Assisië, ook wel Franciscanen genoemd. Zij vertegenwoordigden een nieuw soort kloosterling: de bedelmonnik. Men preekte en maakte zich dienstbaar aan de inwoners in ruil voor een aalmoes. De Minderbroeders kregen dit gebied van de Hertog, die hier vlakbij zijn stadspaleisje had (op de locatie waar nu de Hema gevestigd is). Links aan de muur hangt een plattegrond van het voormalig klooster. Let eens op de gemarkeerde belijning op de grond in deze straat. Het plaveisel toont de loop van de eerste stadsmuur.

 

Volg het Minderbroederstraatje tot aan de Markt.

 

25. Markt
Het straatje naar de Markt loopt duidelijk omhoog, de Markt is dan ook het hoogste punt van de stad. Hier is de stad ’s-Hertogenbosch ontstaan op een hoge zanddonk te midden van moerassen, waterstroompjes en het bos van de hertog. Dit was een prima locatie om handel te drijven en te verblijven. Met toestemming van de hertog werden bomen gekapt en daarvan werden huizen gebouwd rond de centrale handelsplaats. In 1185 kregen de bewoners stadsrechten. Om gevrijwaard te blijven van vijandelijke invallen werd er begin 13e eeuw een muur om de nederzetting gebouwd. Deze eerste stadsmuur wordt in de stad aangegeven met een zwarte ‘belijning’ in het plaveisel zoals je zojuist in het Minderbroederstraatje hebt kunnen zien. Ook de (ronde) stadspoorten worden op deze wijze aangeduid. Omdat de stad al spoedig uit z’n jasje groeide, werd in 1318 deze muur afgebroken en werd elders een tweede muur opgetrokken. De huidige vorm van de stad heeft te maken met  uitbreidingen die plaats vonden eind 14e en begin 15e eeuw. 

 

25. Stadhuis
De voorgevel van dit stadhuis is in 1670 opgetrokken in Hollands Classicistische stijl. Het ontwerp komt van architect Pieter Minne. Hij wilde dit stadhuis doen lijken op het paleis op de Dam. Het stadhuis bestond oorspronkelijk uit drie woningen waarvan het middengedeelte, uit 1345, het oudste was. In 1370 werd het aan weerszijden met 2 woningen uitgebreid. Naar aanleiding van een binnenbrand in 1670 werd een geheel nieuwe voorpui gebouwd van Bentheimer steen. Deze steen lijkt erg aangetast door de zwarte kleur, dit is echter een bewust aangebrachte beschermlaag tegen weersinvloeden. Tijdens de verbouwing bleek het smalle pandje, geheel rechts van het stadhuis, op instorten te staan. Als troost kreeg de bewoonster een zelfde soort voorgevel als het stadhuis. Tegenwoordig het smalste pandje van de stad! In de gevel van het stadhuis draaien om het uur de pèrdjes van Jacob Roman.  

 

 

Het fronton (de driehoek bovenin de gevel van het stadhuis) staat bol van de symbolische afbeeldingen: het stadswapen wordt geflankeerd door twee wildemannen. Het oudste deel van het wapen is de lindeboom uit het bos van de hertog. De rode leeuwen op het wapen zijn Limburgse leeuwen (de hertog was tevens Heer van Maastricht) en de gouden leeuwen zijn de Brabantse leeuwen. Dankzij Max v. Oostenrijk kwam er nog een dubbelkoppige adelaar bij. Aan weerszijden van dit wapen: 2 liggende stroom- of riviergoden van de Aa en de Dommel met links de hoorn des overvloeds en rechts de hoorn waaruit de jachthonden van de hertog kruipen.

 

Ga voor het stadhuis linksaf langs de huizenrij tot het begin van de Kerkstraat (derde straat rechts).

 

26. Moriaan
Vanaf de kop van de Kerkstraat heb je een mooi uitzicht op de Markt. Precies aan de overkant zie je op de hoek de Moriaan. Dit is van oorsprong het oudste bakstenen huis van Den Bosch. Het is gebouwd in de 13e eeuw en wordt tegenwoordig gebruikt door de plaatselijke VVV en Plein 79, een kroeg die zich in de kelder bevindt. Deze kelder bevond zich in de middeleeuwen op de begane grond. In de loop der jaren is de stad zodanig opgehoogd dat je nu moet afdalen om in de kroeg te komen. De Moriaan werd volgens de overlevering in 1220 gebouwd door Hendrik I van Brabant voor zijn vriend Beckerlijn. Het is een gotisch bakstenen zaalhuis met een rond torentje. Het pand werd in de jaren zestig van de vorige eeuw gerestaureerd.

 

27. Standbeeld Jeroen Bosch 
Het standbeeld is in 1929 gemaakt door de beeldhouwer August Falise. Het is gemaakt in brons. Jheronimus Bosch, beter bekend onder de naam Jeroen Bosch, werd geboren in Aken en is getogen in Den Bosch aan de Markt in het ‘groene’ huiswaar hij voor staat: 'de Kleine Winst’.

 

Zijn schilderijen ondertekende hij met de plaats waar hij schilderde: Bosch. Hij leefde in een roerige tijd, met pestepidemieën, stadsbranden, executies op de Markt van misdadigers, heksenverbrandingen enz. Deze ellende moet van invloed zijn geweest op zijn werk dat vooral angst, afschuw, zonde en rampspoed verbeeld. In Den Bosch is niets bewaard gebleven van zijn originele werken maar voor geïnteresseerden is het zeker de moeite waard een bezoek te brengen aan het Jeroen Bosch Art Center waar een compleet overzicht van zijn werken te bewonderen is. Het zit gevestigd in de Jacobskerk in de Hinthamerstraat. Kijk voor meer informatie op www.jheronimusbosch-artcenter.nl

 

Loop de Kerkstraat in.

 

28. Protestantse kerk
Halverwege de Kerkstraat vind je de Protestantse kerk. Deze werd gebouwd rond 1820 in de neoclassicistische stijl. Ontwerper is Jan de Greef, een architect en ingenieur werkzaam op het ministerie van Waterstaat ten tijde van koning Willem I. Omdat de rooms katholieke eredienst sinds 1629 verboden was en de rooms katholiek gelovigen moesten onderduiken, kwamen alle kerken in handen van een handjevol Bossche protestanten. Pas in 1810 kregen de katholieken hun kerken weer terug dankzij Napoleon. De protestanten bleven daarop met lege handen achter. Ze wilden een eigen kerk. Willem I kwam de protestanten tegemoet met subsidie en gaf Jan de Greef de opdracht een kerk te ontwerpen. Het is deze kerk geworden die in de volksmond al snel de “Waterstaatskerk” genoemd werd. In heel Nederland tref je dit soort kerken aan.

 

Loop rechtdoor naar de Sint Jans kathedraal.

 

29. Sint Jans Kathedraal
De eerste indruk: de toren past niet bij de kerk. Het is echter zo dat de kerk niet bij de toren past. Uitleg: rond 1220 is men begonnen met de bouw van een bakstenen romaanse kerk buiten de stadsmuren. De kerk werd gewijd aan St. Johannes de Evangelist. Van de huidige kerk is alleen het onderste deel van de 13e eeuwse toren overgebleven. De romaanse kerk werd al snel te klein en daarom is men eind 14e eeuw aan de achterzijde van de bakstenen kerk begonnen met de bouw van een nieuwe, laatgotische kerk. Daarbij werd deze gotische kerk over de bestaande romaanse kerk heen gebouwd! Het was de bedoeling dat ook de toren in de gotische stijl zou worden opgetrokken maar in 1550 vond men het welletjes en frotte men de kerk tegen de bestaande toren aan waarvan het onderste deel een gotische ‘schil’ kreeg. Later is de toren verhoogt tot de huidige hoogte. In het portaal van de kerk bevindt zich op de linker muur een schematische afbeelding van de toren waarop de diverse bouwfasen worden aangegeven. Vanuit de Kerkstraat zijn de luchtboogbeeldjes goed te zien. Er zijn in totaal 96 uit steen gehouwen figuren die overwegend schrijlings zittend zijn weergegeven op de bovenste luchtbogen van de kathedraal. De figuren hebben een beroeps- en beeldthematiek: van steenhouwer en smid tot draak, aap en hond.

 

 

Sla voor de Sint Jan rechtsaf, de Parade op.

 

30. Parade, plein naast de St. Jan
Dit plein dankt zijn naam aan het feit dat het tussen 1749 en 1935 een militair exercitie- en paradeterrein was. Nu is het een vooraanstaande evenementenlocatie. Aan de parade ligt het ‘Theater aan de Parade’, de Bossche schouwburg. Kring Vrienden van ’sHertogenbosch heeft aan de Parade een eigen pand op nummer 12, op de hoek van de Lange Putstraat. Hier kun je stadswandelingen, themawandelingen, rondleidingen in de St. Jan(s toren) of een rondleiding in het naastgelegen museum De Bouwloods boeken. Tel. 073-613 50 98.

 

 

Download gratis de Ready to Go city guide Den Bosch, inclusief deze leuke stadswandeling op een plattegrond! 

 

Bekijk ook de stadswandelingen in andere steden!

 

Met dank aan de Kring Vrienden 's-Hertogenbosch

Teksten:
Mieke Kolster
Foto's: Thomas Elshout
Eindredactie:
Thomas Elshout

Tips en feedback kun je e-mailen naar: stadswandeling@youropi.com

 

©  Youropi.com 2013 - Niets van deze pagina's mag worden vermenigvuldigd en/of openbaar gemaakt zonder de voorafgaande schriftelijke toestemming van Youropi Media BV te 's-Hertogenbosch.

Tips Den Bosch